Bij ons in Brazilië: 32. Een slang in de slaapkamer

In het leven van bijna iedereen gebeuren dingen die je uitzonderlijk kunt noemen. Buiten de gewone routine van de dagelijkse gang van zaken om. Of die maar één maal in je leven gebeuren en dan een bijzondere plaats in je geheugen innemen.

Eén er van is een eenmalige ervaring van een ondier in onze slaapkamer, dat ons de stuipen op het lijf joeg.

Ik werd wakker door geritsel ergens onder de overgordijnen, dat anders was dan wat de wind soms doet door onze altijd open deuren. Ik deed het bedlampje aan en keek in de richting van waar ik het geluid gehoord had. Ik zag iets onder mijn leesstoel wegglijden. De grote lamp aan. Stoel weggeschoven en dat ‘iets’ bleek een kleine, bruinrode slang te zijn die vlug probeerde weg te kruipen in het verste hoekje van het vertrek. Het beest probeerde zich onder de plint te wringen, wat hem, op een stukje staart na, nog lukte ook.

Mijn vrouw werd wakker door al die verlichting. “Wat is er?” “Een klein diertje onder de plint.” Ik wist dat zij in paniek zou raken alleen al bij het woord ‘slang’. Dus vermeed ik dat woord. “Een kakkerlak?”, vroeg zij nog steeds angstig. Negatief antwoord. Zij ging weer terug naar haar rustige kalmte. Als reactie vertelde ik op dat moment dat het een heel klein slangetje was. Haar rust ging snel over in een soort paniek. Ze ging voor alle zekerheid maar op het bed staan. Ik suste haar met de woorden dat het een heel klein ding was en dat hij banger was voor ons, dan wij voor hem. “Giftig?” “Ik denk het niet.”

Wat te doen? De brandweer bellen was onze beste gedachte. Het was goed twee uur in de morgen. Zouden zij wel komen op dat uur? Mina, onze toen al oude hond , bleef rustig en zonder reactie op haar bedje in het naburige kantoortje liggen.

Ik hield, zittend op ons bed, de slangenhoek goed in de gaten. Het klein stukje van de staart was bewegingloos. Mijn vrouw zat ook wat rustiger in het hoekje van ons bed en de kast. De brandweer zou over een kwartier komen met de nodige spullen. Wat duurt wachten dan lang, vooral met een slang(etje) verborgen onder de plint in een hoekje.
Twee zware en geüniformeerde slangenspecialisten met een gesloten bak en twee lange stokken met een haak eraan kwamen onze kamer binnen. Zij porden wat met hun haken.

De open bak wachtte op de prooi. Binnen enkele minuten hadden zij het ondier in bedwang en wierpen het in de bak. Nog een foto als herinnering gemaakt, al kwam ik niet al te dicht bij de open bak. De mannen deden gauw het deksel er op en maakten aanstalten om hun kleine prooi mee te nemen naar een instituut voor wilde beesten.
Met een dankwoordje brachten wij hen naar de deur.

Opgelucht zaten wij nog een tijdje op ons bed en keken elkaar aan. We waren aan een groot gevaar ontsnapt, dachten en zeiden wij. Hoe was dat allemaal mogelijk? Wij praatten nog een tijdje door, voordat de slaapgod Morfeu ons weer in zijn armen nam.

De slang was waarschijnlijk van de tuin boven in ons binnenhofje gevallen en had door de open deuren zijn toevlucht gezocht in het donker van onze slaapkamer. Hij leeft nu voort op een goed verborgen plek ergens in een reservaat. En in ons geheugen.

Volgende week drie indrukwekkende voorvallen.

Laat je reactie achter

Reageer als gast

0
algemene voorwaarden.
  • Geen reacties gevonden

Terzijde

samen

Houd vol, we moeten met z'n allen door deze crisis. Houd rekening met elkaar en wees extra lief voor iedereen die dat nodig heeft.

 

Copyright www.epernet.nl

Niets mag zonder toestemming van de redactie worden overgenomen.