Woar Blif de tied - Een toevluchtsoord in bangen tijd (1)

Serie verhalen over de heldendaden van de familie Van Essen

juf van klaverenVoorzijde Oorlogsboekje MarcaDe weigering van de gemeente Epe om mee te werken aan het plaatsen van een gedenkteken op de plek aan de Wachtelenbergweg waar de familie Van Essen heeft gewoond, moet zijn ingegeven door een gebrek aan kennis. Anders is de negatieve beslissing op het verzoek van Ben Jonker niet te verklaren. Wie weet wat de heldendaden van de Van Essen’s zijn geweest, kan niet anders doen dan alles in het werk stellen om ze alsnog de eer te geven die ze meer dan verdiend hebben en het nageslacht daar permanent op wijzen, juist in deze tijd, waarin miljoenen mensen op de vlucht zijn. Op initiatief van Gert van den Esschert belichten we in vijftien afleveringen en ruim twee weken tijd het leven van de onverschrokken familie in de oorlogsjaren. Een geschiedenis om kippenvel van te krijgen.

 

Allang was er de wens van de Historisch vereniging Ampt-Epe om rond de meidagen (1993) een artikel te brengen over de Tweede Wereldoorlog. Door de heer M.L. (Marinus) Endendijk (bestuurslid Ampt–Epe) werd een boekje aangeboden dat de belevenissen beschrijft van mensen uit Epe die onderduikers een kans gaven om uit handen van de bezetter te blijven. In benarde omstandigheden zegt men wel eens: ,,Daar zou je een boek over kunnen schrijven ... ". Nou, dat boekje is geschreven door een onderwijzeres aan de School met de Bijbel (later Anne de Vriesschool), mejuffrouw Maria Caroline van Klaveren, onder de schuilnaam Marca.

Bij velen in Epe zal deze naam herinneringen oproepen aan de tentoonstellingen in haar school en in het dorp van al haar verzamelde voorwerpen die met de oorlog te maken hadden. Heet van de naald beschreef zij nog in 1945 de lotgevallen van de familie Van Essen aan de Wachtelenberg. Uitgeverij Hooiberg gaf het uit.

27. Voorkant Oorlogsboekje Marca

 

 

 

 

 

 

 

"Verbergt

de

verdrevenen

en

meldt

den

omzwervende

niet"  

(Jesaja 16 vers 3b)

 

 

 

 

 

 

 

 

01. Juffrouw van Klaveren 1947

Mejuffrouw Maria Carolina van Klaveren met haar klas van de School met de Bijbel – 1947.


door Marca

Een woord vooraf


Op een familiefeest kwam ik toevalligerwijze met juffrouw Van Essen in gesprek over de bevrijding en alles, wat er mee samenging. En toen hoorde ik voor de eerste maal iets, van 't geen zij gedaan hadden in de afgelopen jaren. Mijn belangstelling was gewekt. Gaarne wilde ik meer horen over het werk, wat zij gedaan hadden en daarom ben ik verscheidene avonden bij de familie Van Essen geweest en heb hen er alles over laten vertellen. Ongetwijfeld zijn er velen in ons vaderland geweest, die eveneens het hunne er toe hebben bijgedragen, om de vele levens te redden, doch omdat dit zich in ons dorp heeft afgespeeld, leek het me interessant toe, om de "lotgevallen" van deze familie te beschrijven, opdat anderen, die niet met de familie in aanraking kwamen, ook iets van dit werk zouden vernemen. In de zomer van 1944 kocht ik in Oosterbeek deze tekst: ‘Verbergt de verdrevenen en meldt den omzwervende niet’. Ik had juist even te voren in een illegaal blaadje gelezen, dat deze tekst die overigens niet zo bekend is, doch buitengewoon van toepassing was op die tijd, in de handel was gebracht, doch natuurlijk prompt verboden werd door onze "beschermers". Als één gezin deze tekst in praktijk heeft gebracht, is het toch zeker wel de familie Van Essen geweest en daarom koos ik deze woorden als motto voor dit
werkje. Vele omzwervenden en verdrevenen zullen hun hele leven wel telkens in grote dankbaarheid terug denken aan hetgeen de familie Van Essen voor hen heeft gedaan in die bange jaren van 1940 tot 1945.

 

De samenstelster

 

'Ik ga een schuilplaats maken, die kunnen we wel eens nodig hebben'

10 Mei 1940. Ronkende motoren: vliegtuigen, die dood en verderf uitspuwen. Dreunend kanongebulder. Niet ophoudend mitrailleur-geknetter! Nederland is verraderlijk aangevallen door een oppermachtige vijand, die van plan is alles onder de voet te lopen. 14 Mei 1940. Capitulatie van het Nederlandse leger, dat alle krachten inspannend, niets vermag tegen den geweldenaar, en zich liever overgeeft, dan te moeten aanzien, dat hun dierbaar vaderland met zijn enkele miljoenen inwoners één puinhoop wordt. Enkele dagen later, de komst van Seyss Inquart, de door Hitler gezonden Oostenrijkse landverrader, die ons hier zal "regeren"!

De rede, waarmee deze schurk z'n intrede bij ons doet en die hij met de arrogantie van den Duitser waagt uit te spreken in onze Ridderzaal, druipt van olieachtige liefheid en meegaandheid. Onze geestelijke waarden zullen niet worden aangetast, enz. enz.! Nederlands volk kan gerust zijn! Nederlands volk heeft echter, zolang het bestaat, zelf kunnen denken. Er wordt niet voor hen gedacht, zoals in Duitsland, waar men alles toejuicht, wat de Nazi-regering voor hen blieft klaar te maken. Vandaar het grote wantrouwen, waarmee in ons land deze rede wordt ontvangen, een wantrouwen, dat alleszins gerechtvaardigd blijkt te zijn, want niet lang daarna komen de gehate "Verordeningen" af, die stuk voor stuk Nederlands vrijheid benemen en recht verkrachten.

En dan komen de vijf jaren van bloed en angst en tranen. Vijf jaren, waarin diefstal en moord door het Nazi-gespuis, dat ons de beschaving wil brengen, hoogtij vieren. Het Nederlandse volk is gebroken! Gebroken? Neen, integendeel! De geest van verzet wordt levendig, breekt zich overal baan, en de Duitser moet ervaren, dat hij in het kalme, gemoedelijk Nederlandse volk een tegenstander heeft, die hem glad als een aal door de vingers glijdt en die hem op allerlei manieren zó tegenwerkt, als hij zelden ondervindt.

Ook in Epe, ons mooie Veluwe-dorp wordt die geest van verzet geboren. Er werd gesaboteerd, er werd ontdoken en ondergedoken en thans nu de sluier is opgelicht, horen we van het vele en goede, wat ook in Epe is gedaan.

leder in Epe weet, waar de Wachtelenberg is. Het is de overgang van het dorp naar de bossen. Behalve een rijtje huizen, liggen daar enkele boerderijen verspreid en op de laatste boerderij, vlak voor de boszoom, woont Herman van Essen met zijn vrouw en hun drie jongens Mannes, Gerrit en Herman, respectievelijk 17, 14 en 5 jaar oud.

02. Fam. Herman van Essen

Hier is Herman van Essen en zijn vrouw Johanna van Essen Plakmeijer  25 jaar getrouwd. Samen met hun drie zonen v.l.n.r. Gerrit, Mannes en Herman – 1951.

 

Bij zijn huis staan behalve de gebruikelijke schuren, ook een stenen gebouwtje, 't welk zomers verhuurd wordt. Vele stedelingen hebben er hun vacantie's in doorgebracht en hebben de aangenaamste herinneringen aan hun verblijf aldaar en aan de vriendelijke familie Van Essen. Ook Van Essen heeft die schoon-schijnende rede van Seyss Inquart gehoord en deze boer met zijn goed verstand denkt ook nog aan iets anders, dan alleen aan zijn koeien, kippen en varkens. Al gauw rijpt bij hem een plan en op zekere dag zegt hij tot zijn vrouw: "Ik ga hier een schuilplaats maken, want die kunnen we nog wel eens nodig hebben. We krijgen nog zware tijden". Denken bij hem is "doen". In een stenen schuurtje wordt in de linkerhoek tegenover de deur een gat in de cementen vloer gemaakt van ongeveer één meter lang en een halve meter breed. Daaronder wordt een schuilplaats gegraven van 3 meter 20 lang, 1 meter 60 breed en 2 meter hoog. Van binnen wordt deze schuilplaats geheel gestut door cement. Een cementen plaat wordt over de opening gelegd waarover weer een ijzeren plaat komt en waar allerlei "rommel" op gezet wordt, want het is immers een schuur? Zo ontstaat een ruimte, waarin men rechtop kan staan en welke schuilplaats biedt voor 4 personen om in te slapen. Zou men er overdag gebruik van moeten maken, dan kunnen er zich wel meer personen in verbergen.

03. Boerderij van Herman van Essen

De boerderij van Herman van Essen aan de Wachtelenbergweg 21 in Epe – 1950.

 

- Wordt morgen vervolgd: De zoete inval voor onderduikers -

Laat je reactie achter

Reageer als gast

0
algemene voorwaarden.
  • Geen reacties gevonden
Powered door Komento