Epe van toen: Eiermarkt dankzij gebrek aan weilanden

eper eiermarkt CustomDit keer een bekend en mooi nostalgisch plaatje: van de eiermarkt in Epe. Voor onder meer het boek ‘Ons dorp van vroeger’ heb ik er al een heel verhaal over geschreven, net als over de eierhal. Toen ik deze foto weer eens zag en er een tekst bij wilde maken, vroeg ik me vooral af: hoe komt het eigenlijk dat er in die tijd zo veel mensen waren die eieren verkochten?

Als je maar lang genoeg zoekt kun je vrijwel overal een antwoord op vinden, dus ook op deze vraag.

We gaan terug naar het eind van de negentiende en begin van de twintigste eeuw. De Veluwe is wat de ontwikkelingen in de landbouw en veeteelt betreft een achterblijvend gebied. Op de droge zandgronden is het meeste grasland eigendom van grootgrondbezitters en beleggers. Veel bos- en heidegebieden die in potentie best geschikt zijn om als landbouwgrond te ontginnen, zijn eigendom van Defensie. Weinig boeren hebben weiland om koeien te kunnen houden, dus veel boertjes zoeken hun broodwinning in de intensieve veehouderij, zoals het houden van pluimvee, varkens en eenden. Eind negentiende eeuw zijn het vooral rasloze hoenders die op de erven scharrelen, dus van goed gestructureerde fok is geen sprake. De boeren kunnen hun eieren makkelijk kwijt, vooral aan handelaren, die profiteren van de toegenomen vraag uit het buitenland. Bovendien eten steeds meer mensen eieren doordat het inkomen stijgt en steeds meer mensen graag een eitje tikken bij het ontbijt. Daardoor wordt de pluimveehouderij een vast onderdeel van het boerenbedrijf en kunnen veel mensen met een stukje grond bij huis een paar centen extra verdienen door kippen te houden.

Die ontwikkelingen hadden onder meer als resultaat dat in de winter van 1911 voor het eerst een eiermarkt in Epe werd gehouden. Volgens de Provinciale Overijsselsche en Zwolsche Courant is het besluit daarvoor op 28 oktober 1910 genomen in een vergadering van het bestuur van de afdeling Epe van de Nederlande Pluimveehouders Vereniging met ‘de winkeliers (tevens eierhandelaren) in ’t dorp. Op deze gecombineerde vergadering werd besloten tot oprichting eener wekelijksche eiermarkt, welke voor ’t eerst zal gehouden worden op den eersten Woensdag in Februari a.s.’

De markt liep meteen als een tierelier. Op 8 februari 1911 werden niet minder dan 27.029 eieren aangevoerd die voor 4,40 tot 5,25 gulden per 100 stuks werden verkocht en tweeënhalve maand later werden voor het eerst meer dan 100.00 eieren naar de markt gebracht.

In juni 1912 werd een eierhal in gebruik genomen een jaar later is deze foto gemaakt. De eieren gingen toen van de hand voor 4 tot 5 gulden per 100 stuks. Dat zegt nu niet zo heel veel, daarom even wat prijzen uit die periode: 1 liter Hoppe’s oude jenever 1,45 gulden, 1 liter room-karnemelk met gort 10 cent, een pond gesmolten vet 50 cent, een abonnement op de Provinciale Overijsselsche en Zwolsche Courant (weekblad) 1,30 gulden per kwartaal, Zuiderzeegarnalen 8 cent per ons, gerookte zalm 35 cent per ons, dienstboden- of verpleegstersjaponnen 3,25 gulden en aardappelen 2,50 gulden per mud van 70 kg.

eper_eiermarkt.jpg

Laat je reactie achter

Reageer als gast

0
algemene voorwaarden.
  • Geen reacties gevonden
Powered door Komento