Laatste reacties

Hallo Willem,
Elly zat volgens mij in de klas bij mijn oudste broer Doede Keuning. Onze ouder waren bevriend met de fam. Van Doornum. Ook mijn vader ...
Op zoek naar Jeanette Jurriens kwam ik deze foto tegen. Haar ouders hadden vroeger een delicatessenzaak in Epe. Ze is waarschijnlijk rond 1952 geboren...
Goedemorgen!
Hoewel dit een oud bericht is, toch even proberen! Hebben jullie toevallig een adres voor mij? Dit lijkt mij een prachtige plek om te f...
Beste heer Van den Esschert,
Verrassend om op deze pagina iets over mijn grootvader te lezen! Ik weet dat hij ruim 20 jaar schoolhoofd in Epe is gewe...
Jammer dat ik daar maar één keer heb doorkruist. Nostallgie!

Zoeken

College moet met de billen bloot door vragen VVD over raster

Het college van b en w moet met de billen bloot voor wat betreft de procedure en besluitvorming over de aanleg van de tweede fase van het hek rond een deel van Epe-Noord. Het moet bijvoorbeeld maar eens uitleggen hoe het kan dat het volgens zijn eigen besluitenlijst op 6 september heeft besloten dat tweede deel te laten realiseren, maar dat vijf dagen eerder al de aannemer die de klus moest uitvoeren, te horen had gekregen dat de gemeente akkoord was met zijn offerte. En hoe zit dit dan? Het college beweerde dat er overleg was geweest met de Wild Beheers Eenheid (de jagers) en dat die akkoord was, maar die liet weten dat er helemaal geen overleg was geweest en juist tegen te zijn. En waarom beweerde het college de ene keer dat het hek er voor de veiligheid van de bevolking moest komen en de andere keer ten behoeve van het faunabeheer? En hoe zit het met de rol van de man die voor veel geld het jachtrecht heeft gekocht? De kwestie wordt aan de orde gesteld door een reeks kritische vragen van de gemeenteraadsfractie van de VVD.

De initiatiefnemers van de vorige week ingediende petitie waarin de gemeente namens vijftien organisaties wordt gevraagd het hek weer weg te halen, hebben sterk de indruk dat bij de hele besluitvorming is gewerkt met dubbele agenda’s met slechts één doel: dat hek moet en zal er komen. Ze kijken reikhalzend uit naar de beantwoording van de schriftelijke vragen van de VVD, die een aantal saillante aspecten van de besluitvorming en voorlichting aan de kaak stelt.
De integrale weergave van het schrijven van de VVD:

 

Op 11 oktober jl. heeft u onze vragen naar aanleiding van de aanleg van deel 2 van het zwijnenkerend raster van de begraafplaats Norelbos tot aan de gemeentegrens van Heerde beantwoord.
In uw informatienota aan de Raad d.d. 28-10-2014 stelt u dat een gedeeltelijke aanleg van het raster voorlopig volstaat, omdat de WBE, GL en gemeente Epe en haar jachthouder het afgelopen jaar tot het inzicht zijn gekomen dat op het nu aangelegde tweede deel van het tracé het beoogde effect hoogstwaarschijnlijk kan worden bereikt met traditioneel wildbeheer. Bovendien stelt u dat dit deel van het tracé dermate ver verwijderd is van de bebouwde kom dat het op voorhand mogelijk lijkt om met traditioneel wildbeheer te voorkomen dat de zwijnen voor onveilige situaties zorgen. Letterlijk: “De afgelopen jaren hebben laten zien dat met afschot, mits er maatwerk wordt geleverd, mogelijk het beoogd effect structureel kan worden bereikt”.

In uw informatienota aan de Raad d.d. 6-9-2016 komt u hierop terug. U geeft aan dat er intensief overleg heeft plaatsgevonden tussen alle betrokkenen over de effecten van het wildbeheer op dit tweede deel van het tracé en dat gezamenlijk is vastgesteld dat het niet mogelijk is om dit tracé de zwijnenpopulatie onder controle te houden met traditioneel wildbeheer. Blijkbaar is de situatie tussen oktober 2014 en september 2016 aanzienlijk verslechterd, daar de conclusies nu volledig anders zijn geworden. Wij merken op dat de enige feitelijke wijziging in deze periode, het feit is dat het eerste deel van het tracé is gerealiseerd.

In uw antwoord d.d. 11-10-2016 op onze schriftelijke vragen, verwijst u bij de vragen 2 en 3 naar monitoring gegevens van de WBE en haar jachthouders en naar een 15-tal klachten. Verder geeft u aan dat er naar aanleiding van deze monitoring gegevens en klachten gesproken is met de WBE en door u is aangedrongen op aanvullende maatregelen. Bij vraag 4 geeft u aan dat de WBE voor u de enige relevante gesprekspartner is.
Gelet op bovenstaande feiten, hebben wij de volgende aanvullende vragen:

1.    Kunt u ons de relevante monitoringsgegevens die door u zijn aangehaald in de bovengenoemde stukken ter beschikking stellen? Uiteraard zijn wij met name geïnteresseerd in de gegevens van na de realisatie van het eerste tracé van het raster.

2.    Kunt u ons de details verstrekken van de 15 gemelde klachten, met name de aard van de klacht, de datum en de exacte locatie? Het spreekt voor zich dat we geen interesse hebben in de persoonsgegevens van de klagers.

3.    Is door u onderzocht of de toename van de klachten en de problemen een gevolg kan zijn van het realiseren van het eerste deel van het tracé in maart 2016? Zo ja, met welk resultaat? Zo niet, waarom niet?

4.    U heeft de WBE op 5 september 2016 medegedeeld dat u besloten had tot aanleg van het 2e deel. Heeft u tussen de realisatie van deel 1 van het raster en 5 september eerder een gesprek gehad met de WBE over de aanleg van het tweede deel van het raster en wanneer heeft een dergelijk gesprek dan plaats gevonden?

5.    Waaruit blijkt dat u de mening van de WBE over de aanleg van deel 2 serieus heeft genomen, mede in ogenschouw genomen dat de opdracht tot aanleg al op 1 september door u feitelijk is bevestigd en daarmee is verstrekt?

6.    Is het u bekend dat:

a.    De WBE van meet af aan zich op het standpunt heeft gesteld dat het raster niet nodig is en het door de gemeente gesignaleerde probleem niet oplost?
b.    De WBE waarschuwt voor het ontstaan van een nieuw leefgebied van zwijnen binnen aan de dorpszijde van het raster?
c.    De WBE niet heeft ingestemd met de aanleg van het raster in het algemeen en ook niet met het tweede deel?

7.    De WBE heeft u een alternatief plan gepresenteerd, het u bekende “Plan B”. Wat is de inhoud van dit plan en wat zijn uw argumenten geweest om van dat plan af te wijzen?

8.    Heeft u over de aanleg van het tweede deel van het zwijnenkerend raster overleg gevoerd met

a.    Faunabeheereenheid en wanneer?
b.    Gelders Landschap en wanneer?
c.    Jachthouders en wanneer?
d.    Alle betrokken grondeigenaren en wanneer?

9.    Op 01 september 2016 heeft u ’s avonds tijdens de commissievergadering melding gemaakt, dat u voorbereidende handelingen heeft toegestaan ter voorbereiding op een verdere fasering van het raster. Op dezelfde dag bent u per email akkoord gegaan met de uitgebrachte offerte van de aannemer en heeft u daarmee de facto opdracht gegeven voor de plaatsing van het tweede gedeelte van het raster. Waarom heeft u deze opdrachtverlening niet expliciet bij uw antwoord aan de Raad vermeld?

10.    Op welke datum is de aannemer feitelijk begonnen met betaalde werkzaamheden in het kader van de opdracht tot aanleg van het tweede gedeelte?

11.    Het college heeft volgens de besluitenlijst op 6 september besloten tot aanleg van het tweede gedeelte. Hoe verhoudt zich dat met het feit dat op 1 september reeds de opdracht tot aanleg aan de aannemer is verstrekt?

12.    Wat is de reden dat de aannemer expliciet de opdracht heeft gekregen om de werkzaamheden in september te starten. Heeft de aanwezigheid van bepaalde diersoorten, waaronder de Hazelworm, daarbij een rol gespeeld? En zo ja hoe dan?

13.    De Raad heeft bij de vaststelling van de begroting 2012 bepaald dat de investering in een zwijnenkerend raster toegestaan is om zwijnenoverlast binnen de kom van Epe structureel aan te pakken. In 2011 heeft het college besloten dat de nulstand in de bebouwde kom Epe dient te worden gehandhaafd ten behoeve van de veiligheid van de inwoners.  In de informatienota aan de raad d.d. 28/10/2014 wordt een koppeling bevestigd tussen het veiligheidsargument en aanwezigheid van zwijnen in de bebouwde kom.
In de uitspraak van de RvS d.d. 8/2/2017 is vastgesteld door de rechter dat het raster is aangelegd ten behoeve van faunabeheer, om de zwijnen binnen hun leefgebied te houden. Heeft u dit argument expliciet naar voren gebracht in uw verweer bij de Raad van State en waarom heeft u deze grondslag niet expliciet aan de Raad gemeld?

14.    In de beheerovereenkomst die met de huidige jachthouder (huurder) d.d. 7-1-2014  is afgesloten is onder meer bepaald:

“Art.6.3. – Er dient hierbij gewerkt te worden met de methodiek “a). weren en b). belonen”. Concreet: a). zwaartepuntbejaging Bervoetsbos, Gemeentekamp, Eperjeugdsingel en Sprengenbos; b). voedsel (graasweiden), beschutting en veiligheid (jachtluwe vakken) ten noorden van de Ossenweg. Deze methodiek komt te vervallen bij realisatie van het varkenswerend raster. Onderstaande doelstand voor zwartwild kan dan worden verhoogd. Dit op initiatief van de coördinator, met als uitgangspunt de draagkracht van het gebied.”

“Art. 6.4. -  De volgende doelstanden moeten voor het gehuurde gebied worden gerealiseerd:
a.    Wild zwijn        16 stuks
b.    Edelhert        11 stuks
c.    Damhert        0 stuks
d.    Ree        N.v.t., maatwerk”

Over deze overeenkomst en deze bepaling hebben wij de volgende vragen:

a.    Betekent dit dat de jachthouder na realisatie van het raster vrij is in zijn methodiek van jagen?
b.    Heeft de jachthouder profijt van en daarmee ook een belang met de realisatie van (een deel van) het raster? Zo niet, waarom niet?
c.    Zijn deze bovengenoemde bepalingen ook direct van toepassing geweest na realisatie van het eerste deel of werken deze bepalingen pas na de realisatie van het tweede deel van het raster?
d.    Is er sprake van een verhoging van de huursom voor het identieke terrein ten opzichte van de voorgaande overeenkomst en hoe groot is deze verhoging procentueel.?
e.    Is de huurprijs van invloed op het al dan niet realiseren van (een deel van) het raster, en hoe uit zich dat concreet?

 

Laat je reactie achter

Reageer als gast

0
algemene voorwaarden.
  • Coos

    Ik hoop toch zó dat de VVD uitluitend genoegen neemt met duidelijke antwoorden op heldere vragen! En als er weer gedraaid en ontweken wordt, vast houden als een terrier, totdat de waarheid boven water komt!
    Ik heb nauwelijks verstand van politiek, maar hebben ook de coalitiepartijen niet de schone plicht om het college op de uitvoering te controleren en eventueel te corrigeren? Zoiets was het toch? Coalitiepartijen hoeven het toch niet standaard met alles eens te zijn?
    Daarnaast wens ik het college veel sterkte (!) met de dossiers Woesterberg, Kievitsveld, Vaasen Centrum, Emst Hoofdstraat, Heerderweg, Snelfietspad over het spoortracé, VMI Zuuk, bestemmingsplan buitengebied en wat het college nog meer aan uitdagingen op z'n bordje krijgt. De afrekening volgt volgend jaar wel.

  • Haverkamp

    Beantwoordde: Coos

    In plaats van de "afrekening" is er nu achterkamertjes overleg met een pathologische leugenaar, waarbij er vooral niet naar het verleden gekeken mag worden...
    De lafheid regeert!

  • Jan van de Vlekkert

    Uit bovenstaand betoog blijkt dat het al helemaal niet meer om het raster gaat. Kennelijk is in deze slepende affaire het bewust verdraaien van de feiten (in de volksmond heet dat liegen), manipuleren, machtsmisbruik en politiek gekonkel door het College van B en W tot kunst verheven.
    Het begint er op te lijken dat hier in Epe een soort ,,bonnetjes affaire,, is gecreeerd. In Den Haag heeft dat koppen gekost.
    Uit de vraagstelling van de VVD blijkt dat er een groot schimmig gebeuren boven de aanleg van het raster hangt, en het College van B en W heeft dan ook de plicht om antwoord te geven, vraag voor vraag.
    Zo niet, dan geeft het College een brevet van onvermogen af en kan het geneuzel over o.a. participatie voorgoed in de prullenbak.
    Met het zwijnenraster en o.a. de kwestie Heerderweg als actualiteit is men er op het Gemeentehuis nog steeds niet van doordrongen dat we hier in Epe te maken hebben met mondige, en vooral betrokken burgers. Burgers die je niet met een kluitje in het riet stuurt, maar de waarheid willen.
    Ik las vanochtend in de Stentor een verhaaltje over ,holle frasen, van columnist Ozcan Akyol.
    Over hoe je in aanloop naar de verkiezingen geen enkele belofte aan je achterban kan doen. Er zijn veel mannen die destijds het liefst onder die voorwaarde in het huwelijksbootje waren in gestapt.
    Zij betalen nu allemaal alimentatie. Ons lijkt het na de verkiezingen van 2014 hetzelfde te overkomen.

  • Ronald

    Op zich uitstekende vragen. De beantwoording kan 2 kanten opgaan. 1) klip en klare heldere antwoorden.2) VVD wordt met een kluitje in het riet gestuurd. Het zal mij benieuwen welke variant het gaat worden.

Terzijde

samen

Houd vol, we moeten met z'n allen door deze crisis. Houd rekening met elkaar en wees extra lief voor iedereen die dat nodig heeft.

 

Copyright www.epernet.nl

Niets mag zonder toestemming van de redactie worden overgenomen.