Leuke gesprekken met volslagen onbekenden

Ontmoetingen met volslagen onbekenden kunnen hartstikke leuke gesprekken opleveren. Vooral als ze met spontane, openhartige mensen zijn. Ik prijs me gelukkig dat ik afgelopen weken weer minstens twee van die ontmoetingen heb gehad. Toevallig ging het beide keren over vrouwen.

,,Morgen weer werken?’’, vraag ik de man van midden 30 die ik op een zondagmiddag ontmoet na een voor hem tamelijk vermoeiend weekend.

,,Ja. Nou ja, werken… ‘Pak je boek er maar bij, bladzijde 25, opdracht 6.’ Of zoiets. In ieder geval iets waar ze een tijd zoet mee zijn, zodat ik lekker rustig aan de week kan beginnen.’’

Hij is dus leraar, op het vwo, preciseert hij desgevraagd.

,,Heb je gelezen dat er een jongen met zeven tienen en drie negens op het atheneum is geslaagd?’’, vraag ik. ,,Heb jij ook van die knappe koppen op je school?’’

,,Niet dat ik weet. Zulke cijfers halen ze op onze school alleen als ze de examens van tevoren hebben ingezien. Maar ik heb wel een vriendin gehad die zo was. Die was zó intelligent, verschrikkelijk! Allemaal negens en tienen op haar opleiding. Die kon alles goed, wat ze ook deed. En ze kon alles beter dan ik. Ze was ook veel intelligenter. Nou, dat kan niet, daar kan ik absoluut niet tegen. Zo frustrerend. Stel je voor dat je vrouw àlles beter weet en kan dan jij. Dat is toch om gek van te worden, daar kun je toch niet mee leven? Op een gegeven moment wilde ze ook nog achter m’n piano gaan zitten. Mijn piano! Ik dacht meteen: straks speelt ze nog beter dan ik, terwijl pianospelen mijn ding is. Ben je nou helemaal besodemieterd! Dus ik heb haar er meteen achter weggetrokken. ‘Van die piano blijf je af! Weg daar! Afblijven!’ Ik bedoel, ik moest toch minstens het gevoel hebben dat er nog één ding is dat ik beter kan dan zij. Maar ik vond het zó deprimerend om te moeten leven met iemand die zo veel slimmer is dan ik, dat het niet meer ging en ik een eind aan de relatie heb gemaakt. Nu heb ik een vriendin die dommer is dan ik. Nou ja, dommer, ze is in ieder geval niet intelligenter. We zijn wel aan elkaar gewaagd. Dat bevalt me veel beter, dat is niet zo frustrerend, dat is beter voor mijn gevoel voor eigenwaarde. Wat wil ik hier nou mee zeggen? Juist, neem nooit een vrouw die intelligenter is dan jij.’’

 

Precies een week later staan mijn vrouw en ik in een bos met een vriend te kletsen die ook zijn viervoeter uitlaat. Onze honden liggen naast elkaar op de zandweg, geboeid te kijken wie nadert en passeert. Ze liggen in exact dezelfde houding pal naast elkaar, hun koppen en oren bewegen volkomen synchroon. Ze zien onder anderen een man in een trainingspak en een vrouw op ons af komen lopen. ,,Wat liggen die honden daar schitterend’’, zegt hij. We wisselen wat woorden over de honden.

,,Ook even genieten van het mooie weer en de omgeving en lekker aan het wandelen?’’, vragen we al gauw naar de bekende weg.

,,Jazeker. We komen van De Klippen, de bejaardencamping die daar ligt’’, wijst hij richting Heerde. ,,Ja, ik noem het maar een bejaardencamping, want er zijn alleen maar gepensioneerden. In de vakantie zal het wel vol kinderen zitten, dan is het een gezinscamping. Maar geef mij maar een bejaardencamping. Lekker rustig.’’

We kletsen nog wat voor de vuist weg, maar al gauw gaat hij over op een monoloog. ,,Ik had vroeger verkering met een Surinaamse. Bloedmooie vrouw. Alles er op en eraan. Prachtige rondingen, je kent dat wel’’, zegt hij, terwijl hij met zijn hand wat halve cirkels trekt. ,,Ze was zo ongelooflijk mooi, niet te geloven. Zo mooi, dat als ik met haar door de stad liep, je merkte dat iedereen naar haar keek. Maar toch ging het uit tussen ons. Ben ik haar toch uit het oog verloren! Nooit meer gezien, ik had geen idee waar ze was. Maar ze was zó mooi, dat ik daarna nog heel vaak van haar droomde. Ik zie haar nog voor me als ik m’n ogen dicht doe. Eerlijk waar! Ik ben veel later met haar getrouwd’’, wijst hij naar zijn vrouw, ,,maar droomde toch ook nog van die Surinaamse.’’

,,Leuk voor je vrouw om dat te horen’’, vallen we hem in de rede. Zij haalt lachend haar schouders op, maar krijgt geen kans wat te zeggen, want hij praat schouderophalend gewoon verder.

,,Ja, ik ben met haar getrouwd, zij ziet er heel anders uit dan die Surinaamse. Als ik haar bij het vuilnis zet of op de straat met een bordje ‘Gratis af te halen’, is er geen mens die haar meeneemt. Maar voor mij is ze 100 miljoen waard hoor, eerlijk waar. Ik wil haar voor geen goud kwijt.''

,,Maar ik had dus geen idee waar die Surinaamse was, heb haar in al die jaren nooit meer gezien. Een tijd geleden zat ik televisie te kijken, naar dat programma Memories. Je weet wel, waarin mensen hun spoorloos verdwenen geliefde van vroeger weer ontmoeten. Ik dacht meteen aan haar. En ik dacht: ‘Weet je wat? Ik ga die programmamakers vragen of zij haar kunnen vinden en een ontmoeting met haar voor me kunnen regelen’. Dat heb ik gedaan, ik heb gewoon de stoute schoenen aan getrokken en gevraagd of zij wat voor me kunnen doen. Ze is al die jaren nooit uit m’n gedachten geweest. Maar voordat ik wat van de programmamakers had gehoord, belde m’n broer me. Hij had gehoord dat ze in Amerika woonde, maar op dat moment in Amsterdam was en wist ook waar. Om een lang verhaal kort te maken: ik heb haar ontmoet. Nou, je raadt het nooit.’’

,,Jawel hoor’’, onderbreek ik hem. ,,Vijftig kilo zwaarder.’’

,,Vijftig kilo? Ha, was het maar waar. Nog veel meer, wel honderd kilo zwaarder! Ik wist niet wat ik zag. Ik heb nog nooit zo’n dik mens gezien. Zó breed en zó dik. Van die mooie rondingen was niets meer te zien, het was één grote ronding, één grote klomp vet. Ik ben me kapot geschrokken. Wist niet hoe gauw ik bij haar weg moest komen. Nou, ik heb tientallen jaren van haar gedroomd, maar nu heb ik nachtmerries van haar. Het was echt verschrikkelijk. Wat kan een mens veranderen. Ik heb ook meteen Memories afgezegd. Als ze me in het dorp op tv zouden zien met zo’n vrouw, zou ik me daar nooit meer kunnen vertonen, dan zou ik moeten verhuizen, want ik zou er geen leven meer hebben. Ze zouden me allemaal naroepen, de rest van mijn leven.’’

,,Je bent dus wel een vrouwengek’’, zegt mijn vrouw. ,,Nou, hij heeft liever een dikke biefstuk dan een mooie vrouw hoor’’, vervolgt ze wijzend naar onze vriend.

,,Is dat echt waar?’’, vraagt hij vol ongeloof aan het nieuwe onderwerp van gesprek.

,,Ja hoor, dat klopt. Ik ben gek op lekker eten en heb liever koeien- of varkensvlees dan vrouwenvlees.’’

De man in het trainingspak draait zich meteen om. ,,Met jou praat ik niet meer. Kom vrouw, we gaan verder.’’ En weg lopen ze.

Als hij een meter of dertig verder is, roept hij ‘Hé!’’ Hij heeft demonstratief de arm om zijn vrouw geslagen. Als hij omkijkt en ziet dat hij onze aandacht heeft, geeft hij haar een tik op de billen en pakt hij haar nog inniger vast.

Laat je reactie achter

Reageer als gast

0
algemene voorwaarden.
  • Geen reacties gevonden
Powered door Komento