Daar is ze weer! 53: Paaseieren zoeken

Vroeger, toen onze koters nog klein waren, verstopten we chocoladepaaseieren in onze tuin. Meestal vonden ze de lekkernijen wel. Ook bij oma werden er paaseieren verstopt, door de ooms. Op de meest idiote plekjes vond mijn schoonmoeder dan de, soms zelfs gesmolten, eitjes weer terug. Dit jaar werden er voor het eerst geen eitjes verstopt met Pasen. Dacht ik.

In ons huishouden vergt het van de inkoper van de wekelijkse boodschappen (ik dus!) veel creativiteit om op het juiste moment de juiste spullen voor de dag te toveren. Jongste zoon heeft de pepermuntverslaving van zijn moeder geërfd, (en daarnaast nog een nieuwe ontwikkeld: hij heeft de candybars ontdekt!), manlief eet het liefst elke avond een zak chips en oudste zoon sleurt alles mee uit huis, zodat hij zijn zakgeld niet hoeft aan te spreken op school. Meestal doe ik op maandag de boodschappen, dus wil ik voor het weekend wat lekkers presenteren, dan moet ik het verstoppen. Mijn gezin viert het hele jaar Pasen, want ze zoeken net zolang tot ze het lekkers vinden. Dat betekent dat ik dus elke keer een nieuwe verstopplek moet zoeken.

Oma is fervent promotor van haar Oratoriumkoor. Zo verkoopt ze worsten en paaseitjes voor haar koor. Natuurlijk sponsoren we oma, dus begin februari had ik al paaseitjes in huis. Oei, probleem! Waar verstop ik ze? Uiteindelijk besluit ik ze te verstoppen in de voorraadkast, helemaal achterin, achter al die plastic tassen.

Eerste Paasdag zitten we gezellig bij oma. De paaseitjes staan op tafel, op manlief na is het gezin compleet, gezellig. Schoonzusje pakt haar lege paaseitjesverpakking van oma`s koor, mompelt iets over ‘refill’ en kiepert een derde van het gevulde bakje in het plastic zakje, waarna ze het meteen in haar tas stopt. We kijken het flabbergasted aan….
Gelukkig bleef er genoeg over.

Tweede Paasdag. Een poosje na het vertrek van onze logé neef Maarten nemen we een bakje koffie. “Hee, ik heb nog lekkere dingetjes en de paaseitjes van oma”, bedenk ik hardop.

Dus richting voorraadkast. De eerste lading kon ik makkelijk vinden. Na een hoop lege tassen te hebben uitgevlooid, kwam ik de tweede lading tegen. (En nog een half zakje pepernoten, een halve Milkareep met nootjes, een pakje toast en een zakje Bugles dat allang genuttigd had moeten zijn.) Maar waar zijn nou de eitjes van oma? Ik kan het er niet bij laten zitten en voor ik het weet heb ik alles uit de kast gegooid. Wat manlief doet uitroepen: ”Tjee, wat een ravage hier!”

Ik kom steeds dieper in de kast, maar vind de eitjes niet. Waar heb ik die krengen verstopt? Ondertussen word ik er een beetje chagrijnig van, ik wil ze vinden. Maar ze blijken onvindbaar. Na een kruisverhoor van mijn gezin moet ik me er bij neerleggen. Waarom was ik niet zo slim als mijn schoonzusje? Dan had ik nu lekker een krantje kunnen lezen. Het zit me niet lekker en ik snuffel door. Uiteindelijk vind ik ze op de bovenste plank, achter de soepblikken. Een kind kan zich niet blijer voelen na het vinden van het Gouden Ei!

Laat je reactie achter

Reageer als gast

0
algemene voorwaarden.
  • Geen reacties gevonden

Terzijde

samen

Houd vol, we moeten met z'n allen door deze crisis. Houd rekening met elkaar en wees extra lief voor iedereen die dat nodig heeft.

 

Copyright www.epernet.nl

Niets mag zonder toestemming van de redactie worden overgenomen.