Bij ons in Brazilië. 217: Leven en dood

Epe 9 Custom CustomDit keer de foto van Google Streetview die de Oude Wisselseweg laat zien ter hoogte van de ingang van het Katholieke kerkhof. Met rechts de huizen van Ellenbroek en in het begin het huis van bakker Overbosch en Henk Jonker, die eens per week de aardappelschillen en groenteafval thuis ophaalde om daarmee zijn varkens vet te mesten.

De katholieken konden toch zo maar niet bij niet-katholieken liggen. Die hadden in de verzuilingstijd een special door God gezegende plek nodig, terwijl de protestanten en niet -gelovigen zich met een ongezegende plek tevreden moesten stellen. 'Onze' gegeven plek lag tegen het openbare kerkhof aan, met als enige afscheiding het vroegere Molenpad, wat nu een mooie verbindingsweg is geworden met het landschap van Wissel. De twee kerkhoven liggen dicht bij elkaar en dat was vroeger de enige begraafplaats die Epe rijk was.

De foto laat de inrit zien met aan de weg een driehoekig park. Het is een mooie plek, voor mij het mooiste kerkhofje van Nederland omdat mijn ouders, broer, schoonzus en een aangetrouwde nicht daar liggen. Verder veek bekende namen uit mijn kindertijd. Het is ook altijd de eerste plek die ik bezoek als ik in Epe ben om mijn tijdslijn even te herdenken en mijn verbintenis met alle vrienden en bekenden te onderstrepen.

Epe 9 (Custom)

Ik daar in 2010 eens een verhaal over geschreven:


Het eerste wat ik doe als ik op bezoek ben in mijn geboorteplaats Epe, is een visite aan het kerkhof aan de Oude Wisselseweg, om daarna andere plekjes te bezoeken. Wat daar de reden voor is, kun je wel raden. Buiten dat het een mooie en rustige plaats is, straalt het voor mij de sfeer uit die bij een kerkhof hoort: innerlijke dankbaarheid voor degenen die direct en indirect de oorzaak zijn geweest dat wij er zijn.
Heel het vroegere katholieke deel van de gemeenschap Epe ligt daar als een dorp met kleine straatjes naast en door elkaar heen, in de schaduw van feestelijke bomen en struiken onder het grote kruis, door pastoor Som eens aan de parochie gegeven en van waaronder hij gewoon doorgaat om er als geestelijke leider bij te zijn.
We gaan natuurlijk eerst even naar het graf van mijn ouders. We staan even stil en kijken toe. De warme zomerzon van de laatste dagen heeft de bloemen die zus Nel er een paar dagen geleden neergezet had, volkomen verwelkt. Je kunt zelfs niet meer zien welke bloemensoort in dat potje gezeten heeft. Ik zie, geloof ik, cyclamen. Zus Annie trekt wat onkruid tussen de planten uit en geeft het geheel een mooier aanzicht door de verwelkte bloemen weg te zetten. Zwager Harry kijkt en voelt even of de natuursteen los zit, wat inderdaad het geval is. Het is een intiem samenzijn. Rosana kijkt toe en is in andere dimensies bezig te denken aan leven en dood. Er wordt weinig gesproken. Wordt er gebeden? Vier mensen die over dood en vooral leven nadenken. Het mysterie blijft een mysterie. In het bijzijn van de stoffelijke resten van onze ouders heeft alleen de dankbaarheid voor wat wij zijn de boventoon. Ieder neemt meer dan een minuut stilte in acht. Het is ontroerend mooi.
Wij lopen de straatjes af. Namen van bekenden komen vanuit ons verleden naar boven. Hele geschiedenissen openbaren zich. Bij iedere naam een heel boekwerk. Namen van de Gorkinks, de Schimmelpennincks, de Niterts, de
Koks, de Logens, het zoontje van Gerard Mulder, de Ellenbroeks enz. enz. worden zacht en met eerbied uitgesproken. Hun nakomelingen leven ergens buiten de groene beukenheg, om op hun beurt aan hun nakomelingen door te geven wat zij van deze mensen hebben aangeleerd, met de natuurlijke aanpassing aan iedere tijdgeest. De eeuwige gang van zaken.
Langzaam lopen wij dan naar het graf van broer Jan en schoonzus Ank. Ook daar staan we even stil. Er is weemoed en heimwee. Hun natuurtuintje bedekt bijna hun namen. Wij halen wat takjes van de klimplant weg. Er is geen onkruid te wieden, want hun kinderen komen vaak en houden alles goed bij. Wij staan er dan maar gewoon bij. Een deel van onze familie.
Een uurtje brengen wij op het hof door. Wij zijn er even. We denken even aan het geheel dat wij vroeger vormden. Nu gaan wij weer weg, ieder naar zijn nakomelingen tot aan het uur dat ook wij worden geroepen. Wij zijn dan aan de beurt. De natuur gaat zijn gang en wij zijn er op voorbereid.
We verlaten de mooie plek en duiken in het leven van het dorp, waar wij het levenslicht voor de eerste keer mochten aanschouwen.
Pa en Ma, tot over een jaar!”

 
Het is nu 2016. Ik ben net 81 geworden. De mensen rondom mij hebben een mooi verjaardagsfeest georganiseerd. Hoeveel keren kunnen en willen zij dat nog doen? Zij zingen ‘Lang zal hij leven’ en vieren het met de wens van nog vele jaren. Zal ik zelf daar ook zo over denken? Mijn lichaam voel ik ouder worden. Iedere dag gebeurt er lichamelijk wel iets dat mij echt aan de weg naar het einde doet denken. Het einde van mijn persoonlijke inbreng in de geschiedenis, die nooit eens de voorpagina’s van de kranten of het Acht uur nieuws hebben gehaald. Nou ja, één keer, toen ik in Belo Horionte gekidnapt werd en bij een favela werd opgewacht door de politie, die met medewerking van een helikopter mij op het spoor gekomen was.

De meeste mensen weten niet eens dat ik bestaan heb. Anoniem even een nog  onbekend deel van de geschiedenis geschreven. En daar zal dan over een hopelijk nog een jaar of negen, tien een einde aan komen. Zal ik voortleven? Zal ik net als broer Jan kunnen zeggen: ‘Ik ga gauw naar Ank toe?’ Zal ik mijn eigen ouders en andere familieleden, vrienden en kennissen nog eens weerzien, of is ‘t het materiële einde aan mijn persoonlijke leven, zoals het ook het einde betekent van mijn ouders, vrienden en familieleden. Bestaat er ergens anders buiten mijn lichamelijk zijn nog een ander zijn dat als bewuste energie doorleeft in de mensen- en universusgeschiedenis? Word ik wedergeboren? Zal ik nog een bewuste betekenis hebben bij het voorbijgaan van de mensheid, of zal ik in de diepe duisteris verdwijnen als iets wat geen verdere betekenis voor de mensheid inhoudt? Misschien wel in het leven van mijn drie kinderen en kleinkinderen.

Allemaal vragen zonder antwoord.

Het beste en veiligste is om gewoon nederig het mysterie van alles en van  jouw oorsprong en levenstijd in dankbaarheid te aanvaarden.
Ik ben niet bang voor de dood. Ik aanvaard het als een enige eigen ervaring, maar wil dat toch zoveel mogelijk uitstellen.

Een vriend schreef mij eens: ‘Het is goed om elke dag te leven alsof het je laatste is. Geluk kan maar zo voorbij zijn. Daarom is het goed om op zo’n dag als je verjaardag al je zegeningen te tellen en daar even goed bij stil te staan en dankbaar voor te zijn en je ook te realiseren dat er in een fractie van een seconde iets kan gebeuren waardoor je leven er ineens heel anders uit ziet ... Maar dat zou je niet alleen op je verjaardag moeten doen, maar eke dag.'

Gelukkig heb ik mijn vrouw Rosana naast mij die mij geregeld naar de dokter stuurt en mijn gezondheid in de gaten houdt. Het enige wat nu eigenlijk telt.

 

Laat je reactie achter

Reageer als gast

0
algemene voorwaarden.

 

Iets melden of vragen?
[email protected]

 

Copyright www.epernet.nl

Niets mag zonder toestemming van de redactie worden overgenomen.