Bij ons in Braziliƫ. 213: Waar de meeste veranderingen plaatsvonden

Er is vrijwel geen plek in Epe die in de vorige eeuw zoveel veranderingen heeft ondergaan als deze.

Epe 5 (Custom)

Wij staan hier op een mooi punt. Links (niet zichtbaar) achter de leilinden alle moderne winkels die in de plaats van de kruidenierszaak Hering, boekhandel Scholten, het postkantoor en het loodgietersbedrijf Jonker zijn gekomen. Vanaf de andere kant van het Postpad is minder nieuw gebouwd. Aan de overkant van waar de foto van Google is genomen lag heel vroeger het schoolplein voor de typische Dorpsschool met zijn beroemde pomp onder de vele schaduw gevende bomen, met links, waar nu de kookwinkel zit en vele jaren Fotopol heeft gezeten, een grote schuur met een Frans dak waar kruidenier Heering zijn spullen bewaarde, geloof ik. Aan de rechterkant stond vroeger een klein, leuk gebouwtje dat dienst deed als een soort boterwaag. Toen dat niet meer ging, is daar een kleuterschool in ondergebracht waarop broer Jan, zus Annie en ik met vele anderen van een Montessoriopvoeding hebben genoten onder de begeleiding van twee opvoedsters of  ‘bewaarengelen', juffrouw Scholten en mej. Roggeband. Over die tijd wil ik even wat herinneringen kwijt.

Het gebouwtje lag vlakbij de Hoofdstraat en was verdeeld in twee zalen. De  zaal aan de weg was voor de oudere kinderen en de achterzaal voor de echte kleuters, waaronder zus Annie en ik. Het was Montessorionderwijs: via je zintuigen de wereld bewust in je opnemen. Goed luisteren naar geluiden, goed kijken naar kleine diertjes, goed voelen van ruige oppervlakken, goed ruiken van natuurlijke geuren en goed waarnemen van de verschillende natuurvormen. De educatieve speeldozen zaten verborgen achter gordijntjes in lange kasten langs de muur. De juf moest het juiste spelletje of blokjes voor jou uitzoeken. Er waren kinderen die ver vooruit waren op de anderen. Ik kreeg bijvoorbeeld wat moeilijker taken dan mijn zus die naast mij zat, maar zij was beter in vlechten.

Broer Jan zal in de voorste zaal. Ik herinner mij nog dat hij eens thuis vertelde over een toen normale manier van straffen. Een opgeschoten kleuter had de juf een 'onkuis' antwoord gegeven, omdat zij hem berispt had. Zijn mond werd toen voorin de klas gewassen met groene zeep, van de Klokfabriek in Heerde. Maar toen waren lichamelijke straffen ook op de lagere school aanvaardbaar, waarvan ik zelf op de Bernardusschool getuige was.

Een ander feit dat ik mij goed herinner was dat wij op bepaalde katholieke feestdagen niet naar school hoefden en dus thuis bleven. Dan gingen Jan en ik over de markt vaak naar de bewaarschool om de andere kinderen te pesten: wij een vrije dag en jullie niet. Wij bleven dan aan de kant van de kruidenierszaak van Heering staan en hadden daar goed zicht op de spelende kinderen. Staken vaak over en gingen gewoon de andere kinderen pesten, totdat de strengere juf Scholten ons wegjaagde.

Mooie tijd. Met veel plezier die twee jaar daar doorgebracht. Wel jammer dat wij daar niet zo waren omgeven door de natuur. Of wij kleine wandelingen maakten in de omtrek, kan ik mij niet herinneren. Ook niet of er door de dag twee schoolperioden van onderwijs waren.

Op een gegeven moment werd dat gebouwtje vanwege bouwvalligheid afgebroken, samen met de typische Dorpsschool. Een ruime weg met wat parkeerruimtes werd aangelegd waaraan wij vooral het VVV-kantoor en -winkeltje even bezochten als wij vanuit Brazilië even over waren.

Gelukkig werd de apotheek, iets noordelijker gevestigd, minder vaak bezocht, omdat onze gezondheid nog steeds goed is. Heel vroeger was daar ook een schoonheidssalon links (van Waardenburg, geloof ik) waar we langs kwamen als we van de kerk terug naar huis liepen.

Wel nog even een nostalgisch gevoel van de poffertjeskraam van Hans van der Schoot die vroeger aan de Pastoor Somstraat stond. Toen wij een paar jaar terug het Openluchtmuseum van Arnhem even bezochten, op zoek naar Epe en de Veluwe, zagen wij die schitterende kraam terug. Natuurlijk in die mooie tent even uitgerust.

Als je daar in het Openluchtmuseum langs de verschillende boerderijen, huizen, schuren, molens, fabrieken enzovoorts wandelt, moet je jezelf verplaatsen naar de tijd waarin iedereen in veel beperktere omstandigheden zijn leven moest leiden. Het was meer ‘lijden’ dan ‘leiden’. Je denkt dan ook aan je ouders en voorouders, vooral aan moeders en grootmoeders, die echt veel geleden hebben en een zwaar leven hebben gehad. Ik denk bij voorbeeld aan het wassen van vuil goed. Mijn eigen moeder moest de vuile witte schilderoveralls van vader en de knechten wassen. Toen waren er geen machines thuis die dat in warm water met Omo netjes voor je deden. Zij gebruikte een teil met water. De vuile was erin, die werd gekookt op een petroleumstel. Met veel hand- en boenwerk om dat allemaal schoon te maken. Uren was zij daar mee bezig, onderbroken door een kopje koffie en een stukje Deventerkoek. In een oude boerderij in het Openluchtmuseum werd dat gedemonstreerd. De houten waston of zinken teil, de boenplank, de houten wasgrijper, het lange houten blok dat je op de was in het nog hete water slaat en door een armbeweging schoonmaakt. De hele misère van onze moeders kwam daar weer even naar boven. Gelukkig waren er toen al wel wringers en wasknijpers. En dan die vastgevroren lakens op de waslijn achter ons huis. Wij waren kinderen en wisten niet anders, maar inwendig zullen de moeders wel eens iets anders voor zich gewenst hebben. Arme moeders en grootmoeders van de Veluwe!

Iets anders, wat vooral mijn Braziliaanse vrouw Rosana als heel triest aanvoelde, ook al is zij wel wat gewend, was de plaggenhut. Wat is er toch armoede geleden in de Lage Landen, vooral in de oostelijke en noordelijke provincies. Een kuil in de grond met daarboven ‘muren’ van op elkaar gestapelde heideplaggen gemaakt, met de voorkant van 'woning’ van op elkaar gespijkerde houten planken, met wat ramen en een houten dak bedekt met stro, riet of plantengroen. Het dak, was dat een ecologisch verantwoorde voorloper van het dak van de huidige Ossenstal? De binnenkant was nog treuriger, al hadden de mensen van toen niet zoveel ambities. En een valse, strenge religie hield hen onder de duim. Ook in Epe kwamen die ‘woningen’ voor. In boeken over Epe, met dank aan de auteurs, J.Gerard en drs. P.P. van der Haak, kwam ik er zo al twee tegen. Één stond er aan de Woesterweg. Mij niet bekend. Die kant gingen wij nooit op. Het was het verre Gortel, woeste landen waar het toen heel armoedig was. Onze aardappelen kwamen wel uit die streek. Het was een Van Tongeren die ze door ons kelderraampje de diepte in stortte. Wij kwamen alleen door die streek, via de Langeweg, als wij in Gortel-Vierhouten bosbessen gingen plukken.

Een ander onderkomen was ons wel bekend. Het al iets verbeterde huisje stond aan de Dellenweg, hoek Holleweg. Mijn vader heeft daar zelfs een schilderij van gemaakt, dat nu in Kampen bij een dochter van mijn broer Jan hangt. Dina van Eek woonde daar een hele tijd. Wie van de oudere Epenaren kent haar niet, het oude, eenogige vrouwtje met haar eeuwige pijp in haar wat scheef getrokken mond.

En zo loop je door de tijd in het Openluchtmuseum. Je ziet je eigen historie. Als kind was je je nergens van bewust en stond je voor de rest niet stil bij wat er toen geleden werd door onze ouders en voorouders. Zelfs de religie was toen één lijdensweg van jezelf overgeven aan het noodlot hier op aarde, met als beloning het Hemelse Geluk in het hiernamaals. De mode was wreed en donker, aan strenge regels onderhevig. Er was geen kleur in het leven.

Wij liepen door de Zaanstreek, zagen twee woonwagens, zagen balkenzagen in de zaagmolen, bezochten het zuiden van het land, consumeerden wat bij een oude wasserij en gingen nog even een oude papiermolen binnen, waarvan
er ook meerdere op de Veluwe en zelfs in Epe stonden. De Kopermolen was twee keer een papiermolen. De Achterse Molen idem. Het heldere beekwater was de aanleiding voor het ontstaan. Wij hebben de lompen zien fijnstampen tot het een brij werd. ‘Linnen lompen voor schrijf- en drukpapier en katoenen lompen voor pakpapier. Onder een pers wordt dan het water uit de vellen geperst, waarna ze op zolder te drogen worden gehangen.’ (Gids)

Zo leven wij door met veel nostalgische herinneringen, wat onze leeftijd eigen is.

Laat je reactie achter

Reageer als gast

0
algemene voorwaarden.
  • Geen reacties gevonden
Powered door Komento