Bij ons in Brazilië. 210: Het marktplein

Epe 2 (Custom) (Custom)Niets, absoluut niets van de huidige situatie doet me denken aan het marktplein van mijn jeugd. Ik ga in gedachten even op een bank zitten vóór ons huis aan de Parkweg 2, zoals het was (en nog steeds is), tijdens de jaren 40 en 50 van de vorige eeuw.

Als ik naar rechts keek, zag ik een serie van zeven huizen aan de overkant van de Parkweg en zes huizen aan 'onze' kant. De namen van de bewoners kan ik nog zo opnoemen, maar dat heeft verder geen zin, op twee namen na. Die van Jansen van de Spar-winkel en die van Viegen. Achter de grote tuin van de weduwe Jansen stond achter het handige wc-tje voor de marktlui de brandtoren, waar de gebruikte slangen werden opgetakeld om te drogen. Iets verder stond de muziektent. Tussen de twee genoemde huizen was een doorgang. Achter het witte huis van mijn vroedvrouw mevrouw Viegen stonden de lage loodsen van de eierhal en de eierhal zelf.

Nu kijk ik even naar links. Ik zie daar op de hoek met de Stationstraat de zaadwinkel van Slijkhuis met wat schuurruimte er achter en schuin daar achter de werkruimte van het loodgietersbedrijf Van Dijk, verbonden met zijn winkel rechts van het dubbelhuis van twee verdiepingen.
Iets verder op zie ik ook de heggen van de tuinen achter de twee villa’s aan de Stationsstraat richting gemeentehuis.

Epe 2 (Custom)

Maar ik wil vooral naar voren kijken.
Ik ben nog van de tijd dat op het voorste gedeelte ieder jaar een veemarkt werd gehouden. Op het eerste deel werden met grijze buizen afgegrensde ruimtes  gecrëeerd, waarin het vee werd vastgebonden of bewaard. De handel in vee was een bijna folkloristische aangelegenheid met verschillende soorten vee en kleinvee en het ritmische handgeklap vóór een afgesloten handeltje van de boeren op klompen in hun typische donkerblauwe klederdracht. Bij het naoorlogse economische groeiproces is die markt verdwenen. Jonge bomen kwamen ervoor in de plaats.
De ondergrond was nogal stoffig als je door dat eerste gedeelte doorliep en bij het grote en ruime marktplein kwam. In het midden stond een grote, 'moderne' lantaarnpaal. Naar links keek je dan op de Stationsstraat met het gemeentehuis  en het gebouw van de gemeentewerken aan de andere kant met de gevangeniscel en het elektriciteitshuisje met daar tussenin de geïmproviseerde busruimte van de Dijkstra- en VAD-dbussen.
Aan de Hoofdstraatkant van het marktplein was het poortje naast de woning van de familie Pannekoek. Daarnaast, geloof ik, een fietsenzaak en later (of misschien andersom) de plek waar de brandweerwagen werd gestald. Die kant werd ook versierd met een lijn kastanjebomen en er stond ook een tientallen meters lange afrastering van de diepe tuinen achter de huizen en winkels aan de Hoofdstraat. Bij de meeste zijn wij als jongens wel eens naar binnen gegaan, vooral als een speelbal daarin verdween. De tuinen van Jan Blok, van de groenteboer Wim Das, van de familie Kok van de Sperazaak, die van Scholten de bakker en Mulder de kledingzaak werden nogal eens door ons bezocht.
En dan komen wij aan bij de schitterend geplaatste muziektent. In de zomer was het ronde bouwwerk  vaak de vaste plaats van de Koninklijke Harmonie, die voor honderden liefhebbers, Epenaren en vooral toeristen, klassieke muziekstukken tot uitvoering bracht. Dankzij die goed getrainde musici ben ik van klassieke muziek gaan houden. Wij als bewoners van de Parkweg namen vaak onze eigen stoelen mee en gingen dan prinsheerlijk zitten en genoten van de aangeboden muziek.

De markt was voor ons toen wel de meest betreden grond van Epe. Wij gingen ook heen en weer naar school via de markt. Wij gingen heen en weer naar de kerk via de markt. Wij gingen naar de winkels aan de Hoofdstraat via de markt. Alleen als wij in de Brinklaan of verderop richting Zuuk moesten zijn, gingen wij via de Platvoet of Pastorielaan. Een stukje Stationsstraat richting het oude gemeentehuis, als wij bijvoorbeeld naar bakker Van Ark gingen.

Het marktplein was toen een soort heilige grond. Ik hoop dat dat ook nu nog gezegd kan worden na al die stads uitziende modernisering.
Er waren in mijn jeugdjaren wel enkele uitzonderingen.
Op 10 mei 1940 werden wij vroeg wakker gemaakt door het oorverdovend lawaai van tientallen vliegtuigen die laag over ons dorp dreigende en luidruchtige rondjes maakten. In onze pijamas werden wij aan de hand van Pa en Ma de markt op gedreven, om samen met onze ook onthutste buren de 'show' bij te wonen. De toestellen vlogen van oost naar west, maakten een rondvlucht achter de Grote Kerk of kwamen ineens van achter de bomen aan de noordkant gierend over onze hoofden. Het hele markplein stond vol met vragende mensen. Wat was er aan de hand? Meneer Dito, onze naaste buurman, wist iets meer omdat hij bij de marechausee in Schalkhaar werkte. De woorden ‘oorlog’ en ‘Duitsers’ lagen al gauw op ieders lippen.
Ook zag ik op een gegeven dag, iets verder in de historische Duitse bezetting, vóór mij een nazi-officier een bij razia's gevangen jood een slag in zijn gezicht geven. Bovenop de trappen van het gemeentehuis. Een bijna traumatisch moment uit de oorlog.
Net als de kaalgeschoren meisjes die met de vijand hadden gevreeën en tot algehele spot van de feestvierende menigte bovenop een vrachtwagen werden gezet.
Oorlog is oorlog. En wraak speelt altijd een grote rol. Zoals ook de verzetsstrijders die voor onze ogen opgepakte NSB-ers de diepe krater in het midden van het dorp in joegen en tijdens hun tevergeefse pogingen om naar boven te kruipen de stuipen op hun lijf joegen door achter hen in het mulle zand te schieten. Wraakgevoelens waren nadrukkelijk aanwezig. De mens is van nature toch zo wraakzuchtig.

Tot slot nog aandacht voor de befaamde Eierhal. Mijn herinneringen aan de eierhandel zijn miniem. Ik hield me er ook niet bezig mee. Ik zie nog wel heel ver weg, in het geheugen van een jongetje van vóór en tijdens de oorlog, dat grote kisten van massief hout met zware deksels naar open vrachtwagens gesleept werden, die gestationeerd stonden tussen de eierhal en de groene loodsen achter het huis van Viegen en naast de tuin van Jansen. En ik zie ook daar binnen in die voor ons immense, met geruite ramen omringde ruimte, de boeren en boerinnen, velen op klompen, die in met keukendoekjes bedekte mandjes hun verse eieren afgaven aan een groep mannen, die ze overpakten in lompe kisten. Die kisten zie ik nog duidelijk voor mij, want achterin onze straat, even om de hoek van de Dwarsweg, rechts, woonde een vriend en klant van vader, de heer Smijs, en die handelde in eieren. In zijn magazijn, dat grensde aan de smalle, lange tuin van de Zimmermans van de Stationsstraat, heb ik verschillende keren kunnen waarnemen hoe de eieren schoongemaakt en gesorteerd werden om in die grote kisten ingepakt te worden, in, dacht ik, tien lagen van twintig bij twintig eieren. Even rekenen: 4000 eieren in één kist.

De Eierhal besloeg een groot deel van de markt van toen. Heel vroeger werden de eieren in de openlucht verhandeld. Al heel lang werd er naar een onderkomen gezocht voor als het regende. Zoals je kunt lezen in het boek ‘Ons dorp van toen’, werd een loods uit Rotterdam aangeschaft en op het eind van de markt weer opgebouwd, zo tegen het Postpad aan. Hoe lang er eieren in verhandeld werden, is mij volkomen ontgaan. Je kon er ook niet zomaar in, want op de meeste dagen was de hal op slot.
Het was wel een deel van de verplichte weg naar of van de Bernardusschool. Ik kwam er altijd langs. Nooit gingen wij op de terugweg door het rechte Postpad op de Parkweg aan. Dat was om. Bij het huis van Jonker gingen wij
rechts de markt over, tussen de Eierhal en de muziektent door en zo langs Jansen naar ons huis. Op de zondagen gingen wij altijd naar de kerk door het groene weggetje, achter en langs de grote tuin van Dora’s Lust en keerden
wij terug via de Hoofsstraat en het Postpad langs de Eierhal.

Twee gebeurtenissen uit de oorlogstijd springen naar voren in mijn herinneringen. Op een gegeven moment zaten er Duitse soldaten in de hal. Wij, de Ettema’s, de Van Dijks, geloof ik, Kareltje Pannekoek, Jan Dito, broer Jan en ik, gingen daar vaak in de buurt ‘soldaatje’ of andere spelletjes spelen en iedere keer kwamen wij dichter bij die ingekwartierde Duitsers en hun paarden. Was het misschien om gezien te worden door de echte soldaten? Na een paar dagen van toenadering mochten wij wel eens helpen. Wij, onschuldig, hielpen, of beter, liepen mee bij het overbrengen van de zware trekpaarden naar de pomp aan de kant van het gemeentehuis. Een beige leren waterzak hing over de nek van de paarden. Wij mochten soms wel eens even de teugels mee vasthouden en onder de leiding van de verantwoordelijke soldaat hen begeleiden. Het pompen op zich werd soms ook aan ons overgelaten en het bruisende water ging met stotterende geluiden in die waterzakken. Ik vond de hoeveelheid water die de beesten dronken wel groot, vooral ook omdat zij ook nog een volle waterzak mee terug droegen naar hun onderkomen. Een paar paarden moesten ook altijd even plassen en de eerste keer schrokken we van de hoeveelheid die uit die ‘slang’ of het ‘achterwerk’ kwam.
Sommige soldaten poetsten bij de pomp ook hun tanden, of besproeiden hun gelaat. Op een gegeven moment was de hal weer wat ze vroeger was: leeg en verlaten. De cavalerie was naar Rusland gecommandeerd.

Na oorlogstijd is de Eierhal nog wel eens gebruikt voor tentoonstellingen van kleine dieren, zegt mijn geheugen, vooral vogels en konijnen. In mei 1965 is de Eierhal afgebroken, las ik in ‘Ons dorp van toen’.
Wat ik mij van de groene loodsen goed kan herinneren, is dat zij gebruikt werden door de Duitsers om gestolen en geconfisqueerde goederen van de joden onder te brengen. Ik kwam eens thuis met een versierd rood bord, dat ik bij die loodsen had aangetroffen en liet het aan moeder zien. Zij joeg mij onmiddellijk terug om het neer te leggen waar ik het gevonden had. Dat zijn spullen van de joden, legde zij uit. Voor ons als kinderen toentertijd onbegrijpelijke dingen. Ik heb het niettemin naast de eerste loods, achter het huis van Viegen, teruggelegd.


Volgende week ga ik het hebben over de Sint Martinuskerk.

Laat je reactie achter

Reageer als gast

0
algemene voorwaarden.
  • Geen reacties gevonden
Powered door Komento